Ik ben moe van sterk zijn,
ik kan het tempo niet temmen.
Ik ben als een stomende trein,
die trekt aan wagons die remmen.
De stoom verhoogt de druk,
mijn wielen volgen het spoor.
Ik zoek naar rust en geluk,
maar de rit stopt niet, ik moet door.
“Lieve reisgenoot:
Stop op ieder station,
want je vuur blijft te actief.
Stap eens uit, loop op het perron,
en zie: Ik ben jouw locomotief.”
